Hij en ik gaan scheiden. Wat een afvalsucces!

images6853P0V0

Ja, dit gaat over scheiden.
Ja, dit gaat over kilo’s.
Ja, dit gaat over gewicht verliezen.
Nee, dit gaat niet over SCHEIDEN van mijn partner.
Nee, dit gaat niet over AFVALLEN
Dit gaat wel over AFVAL en SCHEIDEN.
Je weet wel: AFVAL SCHEIDEN!

Ik was er niet goed in. Hij evenmin.
Alles verdween bij ons in de restcontainer.
Ik deed best weleens een poging, maar die was steeds van korte duur.
Waarom? Om een aantal simpele redenen:
Te vergeetachtig om een kartonnen doos van de supermarkt mee te nemen voor het oud papier en Heroes voor het plastic aval.
Te lui om naar de glasbak te lopen.
Te bang voor maden om etensresten in de groene bak te gooien.
Te makkelijk om alles in één bak te kunnen gooien.

Tot de grote ommekeer kwam.
En deze heette: GRATIS!
Ik ben gek op gratis!

Een brief van de gemeente vertelde ons dat de groencontainer vanaf dat moment gratis geleegd mocht worden.
Ja, we zouden wel gek zijn om niet te gaan scheiden, hij en ik.
Ik weet het, het is té erg. Ik doe het niet voor het milieu, maar voor de centen. Shoot me…..
Tenminste, daar begon het mee.
Ik hield me er gewoon niet zo mee bezig wat ik allemaal in die grijze bak mieterde. Hij was gewoon elke twee weken propvol, werd keurig geleegd en we begonnen weer van voren af aan.

Totdat ik écht ging scheiden:
– de plastic Heroes liggen op voorraad
– minimaal twee dozen zijn aanwezig voor het oud papier
– etensresten: in de groencontainer

Ik merk zelfs dat ik er plezier in begin te krijgen. Ieder snippertje, melkpak-lipje, uienschil; alles heeft z’n eigen plekje. Na het eten loop ik met twee handen vol de garage in: eerst langs het oud papier, dan dump ik alle plastic (ongelooflijk hoeveel daar per dag ingaat), vervolgens de groene bak en tot slot de restcontainer, maar daar blijft weinig voor over. Laatst zelfs niet één, maar twee leegbeurten over kunnen slaan. Het wordt wat! En ja, ik vind het ‘een-beter-milieu-begint-bij-jezelf’ gevoel toch ook best lekker.

Misschien is je wel opgevallen dat we geen doosje klaar hebben staan voor glas en blik.
Dat klopt! Deze heb ik dankzij Pinterest omgetoverd tot bloempot, pennenbakje, opbergpotje, gieter, waxinelichtjeshouder, onderzetters, vogelvoederbakje en niet te vergeten maak ik er de meest waanzinnige kunstwerken mee.
Ahum…..
Niet waar.
Ik kan die restcontainer toch niet acht weken binnen laten staan!!!

Advertenties

‘De uitleg mama’

imagesXX2Q1ITJ

Ik zie haar niet, maar hoor haar wel.
Ze staat in de rij van maatje 27 (schoenmaat). Ik bij maatje 40. Een heel eind verderop dus, maar ik heb haar meteen geschoten. Ze is te herkennen aan haar gepraat; haar vele gepraat:

‘Nee, Fleurtje je moet stevige schoenen hebben.’

‘Anna, je weet dat mama niet wil hebben dat je dat doet.’

‘Bas, mama heeft gezegd dat we zo klaar zijn.’

‘Nee, jullie moeten de schoenen netjes in de dozen laten, want anders hebben de andere mensen straks twee verschillende schoenen. En dat kan niet hè!’

‘Jongens, dat vindt de meneer van de winkel ook niet leuk.’

‘Nee hè meneer, dat mag niet hè.’

Zucht……

We hebben hier te maken met de, zoals ik het noem, ‘uitleg mama’.

‘De uitleg mama’ praat op zeer rustige toon tegen haar bloedjes van kinderen en legt dus alles uit.
Moet ze zelf weten vind ik, maar ze moet niet verwachten dat anderen dit óók bij haar kinderen doen.

Toen het geduld van ‘de meneer van de winkel’ op was en hij op niet zo’n vriendelijke, maar wel zéér duidelijke toon te verstaan gaf dat dit toch écht niet mocht, was het in één klap gedaan met de pret.
Fleurtje begon te jengelen, Anna had het gezicht op de schoenen hangen en Bas stak de tong uit.

En ‘de uitleg mama’?
Deze zei werkelijk waar tegen ‘de meneer van de winkel’: ‘Ach ja, het blijven kinderen hè.’
En ‘de meneer van de winkel’?
Die zette zijn ‘de klant is koning’ gezicht op en antwoordde met een glimlach: ‘Jazeker mevrouw!’

Werk=Hobby of Hobby=Werk

image

Tja, wat zal ik daar eens op zeggen?
I love my job!
Ik steek er genoeg tijd in, maar vooral omdat ik het zo leuk vind! Een andere reden is er niet. Ik ben absoluut géén workaholic. Tenminste…..daar heb ik een bepaald beeld bij en dat beeld is niet op mij van toepassing.

Maar in het kader van leerjezelfkennen en het pasopvooreenburnout-tijdperk is het wellicht toch raadzaam om de kenmerken van een workaholic eens onder de loep te nemen.

1. Workaholics werken letterlijk dag en nacht.
NEE!
Alhoewel ik toch gemiddeld 1x per week te vroeg wakker word, nadenk over het werk en notities in mijn telefoon zet of dingen opzoek op internet.

2. Workaholics zijn mensen die blij zijn dat het weekend is omdat ze dan achterstallig werk kunnen inhalen.
NEE!
Maar……het is wel heerlijk om in het weekend een paar uurtjes ongestoord te werken aan dingen die door de week op de stapel blijven liggen.

3. De lunchpauze van een workaholic bestaat meestal uit een broodje aan het bureau dat in enkele minuten naar binnen wordt gewerkt.
NEE!
Dat wil zeggen….ik ben van goede wil! Behalve gisteren….

4. Een echte workaholic is al minstens één keer de verjaardag van een dierbaar iemand vergeten.
NEE!
Echt NÉÉ!

5. ‘Wat je zelf doet, doe je beter’, is de leuze van veel workaholics.
Ooo wat erg…….ik denk soms echt zo!

6. Workaholics begrijpen moeilijk dat andere mensen ’s avonds op tijd naar huis gaan terwijl ze nog bergen werk hebben.
NEE!
Ik ga zelf ook op tijd naar huis. Op=op

7. Workaholics denken in hun vrije tijd nergens anders aan en voelen zich nutteloos, onrustig, schuldig en gestrest als er niet gewerkt kan worden.
NEE!
Och jee, echt niet! Ik werk fulltime en plak er in de avonden en weekenden nog enkele uurtjes aan vast. Maar toch echt vanuit een gevoel van ‘dit vind ik leuk’ en niet ‘ik moet dit nog doen’. Is het werk gedaan, dan ga ik verder met waar ik nog meer zin in heb. ‘Vervelen’ staat niet in mijn woordenboek.

Conclusie:
mijn werk = mijn hobby
één van mijn hobby’s = mijn werk

Niets om me druk over te maken dus!

Waar wel een punt van zorg ligt is bij mijn nieuwe hobby: series kijken.

Denk eens even met me mee……
– als je ’s ochtends wakker wordt en bijna niet kunt wachten om ’s avonds weer te gaan kijken
– als je tegen iedereen die het (niet) horen wilt vertelt over de serie die je op dit moment volgt
– als je in de auto zit en fantaseert dat je ín de serie zit
-als je na elke aflevering (hoe laat het ook is) denkt: nog eentje?!
– als je in je huis plekjes hebt gecreëerd waar je je Ipad kunt zetten om te kunnen kijken terwijl je strijkt, kookt en sport
-als je droomt dat je zoon een goede vriend van jullie de opdracht heeft gegeven om de lokale Chinees te overvallen

BEN JE DAN EEN SERIEAHOLIC?

De ALLERBESTE zus van de héle wereld…..is MIJN zus!

Voordat ik mijn belevenissen op WordPress ging delen, schreef ik op Facebook. Misschien vind je het leuk om ook deze te lezen. Daarom ‘een oudje’ elke eerste zaterdag van de maand. Veel leesplezier!

1240131_567427376656656_1904288095_n

Een zus….
Een zus is er al als je geboren wordt. Je weet niet beter dan dat ze er is. Net zoals je vader en moeder. Zo ook míjn zus. Een leven zonder haar kan ik me dan ook niet voorstellen.

Toen we klein waren maakten we een woonboot van ons bankstel, bouwden meubels voor de Barbies met Lego, deden samen spelletjes op de achterbank op weg naar vakantie en vroegen ons samen af of het ooit mogelijk was om, rijdend in het buitenland, te bellen naar onze opa en oma. Mijn zus was er al snel uit: ‘Onmogelijk!’ Zo’n lange telefoonkabel bestond namelijk niet. En ik geloofde haar uiteraard.

In onze tienerjaren kwamen ook de onvermijdelijke ruzies over allerlei onbenulligheden. Nou ja, noem dit maar onbenullig: ik fan van Doe Maar, zij van The Shorts. Toen de laatste ‘mijn Doe Maar’ van nummer 1 ketste was ik op z’n zachts gezegd not amused, wat voor haar weer olie op het vuur was om me er nog meer mee te klieren.

Het kon soms hard knallen tussen ons, maar we hadden wel één ongeschreven regel: ook al hadden we de grootste ruzie, we namen het meteen voor elkaar op als iemand anders vervelend tegen een van ons deed. Die ander kon zelfs gelijk hebben maar: ‘Do not mess with my sister!’

Na de puberteit waren de ruzietjes voorbij en volgden gezamenlijke uitstapjes, etentjes, gezellige Mylene-avonden (Ahum…..dat is wel héééééél lang geleden. Sinds een aantal jaren bedank ik altijd vriendelijk voor deze homeparty’s. Vréselijk!), vakanties met onze gezinnen, shopafspraken enz. enz. enz. Heel normaal dus. Tenminste, dat dacht ik.

Ik was er altijd van overtuigd dat dit de normale gang van zaken was tussen zussen en dat elke zus is zoals mijn zus. Maar dat blijkt niet zo te zijn!!! Mijn zus is namelijk écht bijzonder!
Ze is heel erg lief, ontzettend zorgzaam, een fantastische moeder, geweldig in haar werk, mega creatief, súper sterk: een echte rots in de branding en de allerbeste zus die je je maar kunt wensen!
Ze voelt mijn verdriet, is blij als ik gelukkig ben en staat altijd voor me klaar. We zijn ook nooit jaloers op elkaar en gunnen elkaar echt álles. Dat wil zeggen……bijna alles.
Want als ze me bij de wedstrijd binnenkort in de weg loopt, trek ik aan haar truitje, want ík wil winnen! 😉