Even geduld A.U.B.

image

Geduld……
Kan ik het ergens kopen?
Een pilletje voor krijgen?
Of een cursus ervoor doen?

Je begrijpt ’t al: ik heb ’t niet. Geen geduld!
Nee, dit is geen nieuw inzicht. Ik weet het al mijn hele leven. Overgedragen van vader op dochter:
Hij + Ik = de maximale hoeveelheid ‘geen geduld’.

Had ik het wel gehad dan had ik nu niet op de Ikea parkeerplaats gestaan, wachtend tot de klok 11 uur slaat.
Ja, Ikea is open.
Nee, ik hoef er niet te zijn.
Waarom ik er dan sta? Nou kijk…….ik moet in 2 winkels zijn. De een opent om 10, de ander om 11. Omdat ik echter geen geduld heb, ben ik zó vroeg vertrokken, dat ik stipt om 10 uur (ja, ik kom graag op tijd en ook dat kan wel eens een valkuil zijn) in de winkel stond. Maar ik had vooraf best kunnen bedenken dat ik daar geen uur nodig zou hebben!!!!
Mijn gebrek aan geduld heeft me dit inzicht ontnomen met als resultaat dat ik nu 45 minuten moet overbruggen. En wat doe je dan? Of ik in elk geval? Juist! Je zoekt een parkeerplaats waar je niet opvalt tussen alle Duitsers, Belgen en een handjevol Nederlanders met ‘zet-het-zelf-in-elkaar pakketten’. Je moet alleen tegen de vreemde blikken kunnen van mensen die (hoe krijgen ze het voor elkaar?) binnen 20 minuten weer in hun auto naast je stappen en jou nog steeds zien zitten!

Ik hoor je denken: ‘Wat doet ze dan in die 45 minuten?’

Dit stukje op WordPress schrijven!
De tijd is om! Ik start mijn auto 😉

Advertenties

Zo dom als het achtereind van een…..varken(srug)…

imagesLOR693UCVrouwen en auto’s. Beter gezegd: vrouwen en autoRIJDEN. Of nog beter: vrouwen en auto’s PARKEREN. Ho, wacht even! Niet stoppen met lezen! Ik zal niet generaliseren! Dit gaat uiteraard niet over jou! Ik noem het: ‘Tanja en de auto PARKEREN’!

Tja, ik heb vele kwaliteiten, maar deze valt er beslist niet onder. Parkeren en de stoeprand kunnen wat mij betreft in één adem genoemd worden. Ik maak namelijk in 95% van de gevallen van de laatste gebruik als ik het eerste doe. Oftewel: bij inparkeren naast een stoeprand stuur ik het voorwiel altijd even erover. Weet ik tenminste zeker dat ik niet te ver van de rand sta! En de monteur weet dan, zonder de auto aan de computer te hoeven hangen, dat ‘de banden uitgelijnd moeten worden’.

Parkeren naast een stoeprand kan uiteraard ook nog op een andere manier: fileparkeren. Hierover kan ik kort zijn. Sinds ik geen rij-instructeur meer naast me heb zitten die: ‘indraaien’, ‘terugdraaien’ en ‘spiegels!’ roept, rijd ik consequent een extra blokje om, of parkeer ik gerust 500 m verderop. Fileparkeren is een ‘NO GO’, voor mij.

Maar nu komen we bij mijn favoriete parkeerplek: ‘de parkeerplaats/de parkeergarage’! Nou ja, behalve als het zó druk is dat ik me tussen 2 auto’s moet wurmen. Eerlijk is eerlijk… ook dan ga ik mijn geluk elders zoeken. Gelukkig is dit meestal niet het geval. Mijn lievelingsplekje is er een waar er minimaal 3 naast elkaar vrij zijn, zodat ik de middelste kan nemen! Geweldig! Hier kan ik mijn parkeervaardigheden perfect tot uitdrukking laten komen en stap ik dan ook met een voldaan en competent gevoel de auto uit! Nou ja…meestal dan…want laatst…

Laatst had ik weer het perfecte plekje gevonden, stapte ik met een voldaan en competent gevoel de auto uit, deed ik mijn ding (lees: shoppen), stapte weer terug in de auto en toen ging het mis…

Terwijl ik de auto startte vroeg ik aan mezelf: ‘Zal ik vooruit of achteruit rijden?’ Ik bedacht me dat vooruit sneller richting de uitgang was en dat was ‘zo dom als het achtereind…’. Ik wist het toch: ‘haastige spoed is zelden goed’. Maar in 2 seconden (of was het 1?) was het kwaad al geschied: Ik reed met de voorwielen over een VARKENSRUG!!! (Wie heeft dit woord trouwens bedacht?) En viel, klabeng!!!, met de onderkant van de auto OP de varkensrug. Daar zaten we dan, Mirthe en ik. Waar ik 2 seconden geleden (of was het 1?) nog de keus had in voor- of achteruit, konden we nu geen kant meer op en stond de auto verdeeld over 2 parkeervakken. Zie je het al voor je? Al die ‘bewonderende’ blikken van voorbijgangers? Ik kon wel door de grond zakken! Heb ik overigens niet gedaan. Leek me extra pijnlijk aangezien ik dan eerst nog door de varkensrug moest… Nee, ik besloot een productievere oplossing te zoeken en, eindelijk weer eens, aanspraak te maken op ons ANWB abonnement. Lang verhaal kort: binnen een half uur kwam de sleepauto, stapte het mannetje uit, keek wat mij betreft erg lang zonder iets te zeggen naar ‘het probleemgeval’ (Uh…ik bedoel hiermee de auto hè!), pakte twee blokjes, legde die achter de voorwielen en stapte in mijn auto. Nadat hij Mirthes vraag: ‘Je zult haar wel erg dom vinden, hè?’, beantwoord had met: ‘Uh, nee’, manoeuvreerde hij de auto op de varkensrug, stapte uit, legde de blokjes aan de andere kant en reed er vanaf. Ik was vrij! Even een krabbeltje zetten, hartelijk bedanken en wegwezen!

Mocht je eerst nog gedacht hebben dat het ‘parkeren van Tanja’ wel mee zou vallen…..tja, niet dus. Nu weet ik dat zo’n ding een ‘varkensrug’ heet, eerder dacht ik een ‘stoepbandje’. En dat brengt ons weer terug bij mijn 2 onlosmakelijke woorden: ‘parkeren en stoep’. Wat mij betreft mag Van Dale het woord ‘STOEPEREN’ (spreek uit: stoepeeren) opnemen in de 2015 editie! Vraag me wel af of ‘de stoepering’ dan vrouwelijk of mannelijk is…;)